afgeleefd

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

afgeleefd (bn):
afgepeigerd, krachteloos, oud en zwak, uitgeblust, uitgeput
afgeleefd (bn):
kaduuk, versleten

als synoniem van een ander trefwoord:

zwak (bn) :
afgeleefd, broos, gammel, gebrekkig, gebroken, gevoelig, hulpbehoevend, krachteloos, kwetsbaar, lamlendig, machteloos, mat, slap, teer, versleten, wankel, week, wrak
oud (bn) :
afgeleefd, afgezaagd, antiek, archaïsch, bedaagd, bejaard, belegen, degelijk, gammel, grijs, klassiek, op leeftijd, oudbakken, ouderwets, van vroeger, versleten
vervallen (bn) :
afgeleefd, bouwvallig, gammel, kaduuk, kramakkel, ruïneachtig, verarmd, verlopen, verwaarloosd, verzwakt
gammel (bn) :
afgeleefd, bouwvallig, krakkemikkig, kramakkel, kramakkelig, vervallen, wankel, wrakkig
afgepeigerd (bn) :
afgedraaid, afgeleefd, afgemat, doodmoe, doodop, gesloopt, kapot, moe, op, uitgeput
versleten (bn) :
afgeleefd, afgetakeld, aftands, verzwakt
seniel (bn) :
afgeleefd, afgetakeld, oud, uitgeleefd
verlopen (bn) :
afgeleefd, mislukt, sjofel, verloederd
voddig (bn) :
afgeleefd, haveloos, prullig, sjofel

woordverbanden van ‘afgeleefd’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

afgeleefd:
oud
oud:
bejaard, bedaagd, afgeleefd

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908):

afgeleefd, bejaard, bedaagd, oud, stokoud

Bejaard, en minder sterk bedaagd, drukken uit, dat men niet jong meer is; oud staat tegenover jong, en is dus betrekkelijk, doch veronderstelt meestal, dat men een hoogen, stokoud dat men een zeer hoogen leeftijd bereikt heeft. Afgeleefd ziet minder op den duur van het leven, dat men achter zich heeft, dan wel op de uitputting van het lichaam, die er het gevolg van is. Men kan nog betrekkelijk jong en ten gevolge van afmattende studie, uitspattingen enz., reeds afgeleefd zijn.

in Keur van Nederlandsche Synoniemen (1922):

oud, bejaard, bedaagd, afgeleefd

Reeds lang bestaan hebbende.

Bejaard en bedaagd worden alleen van menschen gezegd; oud en afgeleefd ook van dieren, en oud óók van dingen. Oud drukt dan ook het genoemde begrip het algemeenst uit; bejaard is niet zoo sterk als bedaagd, terwijl afgeleefd meer doet denken aan groote uitputting (niet altijd echter door ouderdom). —

in Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 101:

afgeleefd, bedaagd, bejaard, oud, stokoud

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0017 c