uithangen

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

uithangen (ww):
rondhangen, zijn, zitten
uithangen (ww):
aanplakken, ophangen
uithangen (ww):
uitsteken
uithangen (ww):
spelen

als synoniem van een ander trefwoord:

zitten (ww) :
bivakkeren, blijven, pozen, resideren, schuilen, uithangen, verblijven, verkeren, vertoeven, verwijlen, waren, wonen, zetelen, zich bevinden, zich ophouden, zich schuil houden, zijn
vertoeven (ww) :
bivakkeren, toeven, uithangen, verblijven, verwijlen, zich bevinden, zich ophouden, zijn, zitten
zijn (ww) :
aanwezig zijn, staan, uithangen, verkeren, vertoeven, verwijlen, zich bevinden, zitten
zich bevinden (ww) :
uithangen, verblijven, verkeren, vertoeven, verwijlen, zich ophouden, zijn, zitten
spelen (ww) :
doen alsof, fingeren, uithangen, veinzen, voorgeven, voorwenden
tonen (ww) :
schijnen, spelen, uithangen, zich voordoen als, voorkomen
ophangen (ww) :
hangen, uithangen
zich voordoen als (ww) :
spelen, uithangen

woordverbanden van ‘uithangen’ grafisch weergegeven

zie ook:
de beest uithangen

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0021 c