verbijstering

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

verbijstering (zn):
ontsteltenis, ontzetting, perplexiteit, schrik, verbluffing, verbouwereerdheid, verlegenheid, verstomming

als synoniem van een ander trefwoord:

schrik (zn) :
beklemming, bekommering, bekommernis, benauwdheid, bezorgdheid, huivering, ijzing, ongerustheid, onrust, ontroering, ontsteltenis, ontzetting, opschudding, paniek, verbijstering, verontrusting, verschrikking
verbazing (zn) :
bevreemding, ontsteltenis, opzien, surprise, verbijstering, verbluffing, verrassing, verstomming, verwondering
ontsteltenis (zn) :
ontluistering, ontreddering, ontroering, ontzetting, schrik, verbijstering, verwarring
ontzetting (zn) :
consternatie, ontsteltenis, schrik, verbijstering, verschrikking, verslagenheid
onbegrip (zn) :
verbijstering, wanbegrip

woordverbanden van ‘verbijstering’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

verbijstering:
verblinding
verblinding:
blindheid, verbijstering, begoocheling, dwaling

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
verslagenheid, ontzetting, ontsteltenis, ontroering, verbazing, bevreemding, verwondering, verbijstering

VERSLAGENHEID, ONTZETTING, ONTSTELTENIS, ONTROERING, VERBAZING, BEVREEMDING, VERWONDERING, VERBIJSTERING

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 126.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0022 c