paniek

als woordenboektrefwoord:

paniek:
v. plotselinge algemene angst.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

angst (zn) :
angstgevoel, afschrik, bangigheid, bangheid, beklemdheid, beklemming, bekommering, bekommernis, benauwdheid, benauwenis, bezorgdheid, bibberatie, nerveusheid, nervositeit, ongerustheid, ontzag, paniek, radeloosheid, schrik, spanning, verontrusting, vrees, zenuwachtigheid
verwarring (zn) :
chaos, confusie, consternatie, desorganisatie, disorde, drukte, implicatie, janboel, onduidelijkheid, onrust, ontdaanheid, ontreddering, ontsteltenis, opschudding, opwinding, paniek, verdwazing, verontrusting, verwardheid, wanorde, warboel
schrik (zn) :
beklemming, bekommering, bekommernis, benauwdheid, bezorgdheid, huivering, ijzing, ongerustheid, onrust, ontroering, ontsteltenis, ontzetting, opschudding, paniek, verbijstering, verontrusting, verschrikking
onrust (zn) :
agitatie, beroering, beweeglijkheid, beweging, deining, gisting, onrustigheid, paniek, woeling

woordverbanden van ‘paniek’ grafisch weergegeven

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

paniek
rust

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0023 c