onbescheiden

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

onbescheiden (bn):
indiscreet, nieuwsgierig, opdringerig, vrijpostig
onbescheiden (bn):
brutaal, driest, ongepast, vermetel
onbescheiden (bn):
aanmatigend, onwellevend
onbescheiden (bn):
onwellevend

als synoniem van een ander trefwoord:

ongepast (bn) :
brutaal, incorrect, misplaatst, onbehoorlijk, onbeschaamd, onbescheiden, onbetamelijk, oneerbaar, onfatsoenlijk, ongerijmd, ongeschikt, ongevoeglijk, onoorbaar, onvertogen, onwelvoeglijk, stijlloos, tactloos
vrijpostig (bn) :
astrant, boud, brutaal, bruusk, driest, frank, handtastelijk, impertinent, onbeschaamd, onbescheiden, onbeschoft, ongegeneerd, stout, vrank, vrijmoedig
opdringerig (bn) :
hinderlijk, irritant, lastig, onbescheiden, onwelkom, schreeuwerig, storend
indiscreet (bn) :
loslippig, onbescheiden

woordverbanden van ‘onbescheiden’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
onbeschaamd, onbescheiden, schaamteloos

Onbeschaamd — onbescheiden — schaamteloos. Onbe scheiden heeft de beteekenis van niet ingetogen en niet inschikkelijk in spreken en doen, aanmatigend en daardoor onwellevend; onbeschaamd, die van geen schaamte hebbende, voor zooverre men zonder schroom ongepast durft handelen. Schaamteloos staat dichter bij onbeschaamd dan bij onbescheiden. Beide, onbeschaamd en schaamteloos duiden gemis van schaamtegevoel aan. Schaamteloos is sterker dan onbeschaamd, daar bij het achtervoegsel -loos aan geheel verlies van schaamtegevoel gedacht wordt, wat bij onbeschaamd nog niet het geval is. Een onbescheiden blik, eene onbescheiden vraag. Op zulk eene onbeschaamde vraag antwoordde hij niet. De onbeschaamde praatjes van den dronken matroos. Schaamtelooze losbandigheid. Al de gebreken van den onbescheidene (aanmatiging, driestheid, vermetelheid) bezit de onbeschaamde in den hoogsten graad.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
onbeschaamd, onbescheiden

ONBESCHAAMD, ONBESCHEIDEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 26.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

onbescheiden
bescheiden

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0022 c