puf

als woordenboektrefwoord:

puf:
v. lust, trek ; geen puf hebben.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

fut (zn) :
aandrift, bedrijvigheid, daadkracht, doorzettingsvermogen, energie, flinkheid, geestkracht, kloekheid, kracht, lust, opgewektheid, pep, pit, pittigheid, poeder, puf, slagkracht, stootkracht, veerkracht, vitaliteit, vuur, werklust
energie (zn) :
daadkracht, fut, geestkracht, kloekheid, kracht, ondernemingslust, pep, pit, puf, slagkracht, stootkracht, veerkracht, vitaliteit, voortvarendheid, wilskracht
zin (zn) :
animo, begeerte, gading, genoegen, gezindheid, goesting, liefhebberij, lust, meug, neiging, puf, smaak, trek, voorliefde, wens, wil
daadkracht (zn) :
arbeidsvermogen, energie, fut, geestkracht, kloekheid, pep, pit, puf, slagkracht, stootkracht, werkkracht
trek (zn) :
eetlust, goesting, lust, neiging, puf, verlangen, zin

woordverbanden van ‘puf’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0027 c