aandrift

als woordenboektrefwoord:

aandrift:
v. aangeboren neiging; instinct ; bezieling.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

aandrift (zn):
bevlieging, bezieling, elan, impuls
aandrift (zn):
aansporing, drang, instinct

als synoniem van een ander trefwoord:

fut (zn) :
aandrift, bedrijvigheid, daadkracht, doorzettingsvermogen, energie, flinkheid, geestkracht, kloekheid, kracht, lust, opgewektheid, pep, pit, pittigheid, poeder, puf, slagkracht, stootkracht, veerkracht, vitaliteit, vuur, werklust
neiging (zn) :
aandrang, aandrift, begeerte, drang, genegenheid, geneigdheid, genie, inclinatie, liefhebberij, lust, overhelling, sentiment, tendens, toegenegenheid, trek, trend, vocatie, voorkeur, zin, zucht
gril (zn) :
aandrift, bevlieging, bokkensprong, bui, caprice, fantasie, frats, grilligheid, grol, impuls, inval, kuur, luim, manie, nuk, opwelling, rage, stuip, toer, wispelturigheid
lust (zn) :
aandrift, ambitie, animo, begeerte, drift, gading, genegenheid, geneigdheid, genie, goesting, libido, meug, neiging, trek, verlangen, vocatie, zin, zinnigheid
bezieling (zn) :
aandrift, animo, bevlogenheid, elan, enthousiasme, geestdrift, gloed, ingeving, inspiratie, leven, schwung, toewijding, verve, vervoering, vuur
drift (zn) :
aandrift, begeerte, hartstocht, hevigheid, impetuositeit, neiging, onstuimigheid, opgewondenheid, opwinding, passie, vuur, zucht
drang (zn) :
aandrang, aandrift, begeerte, behoefte, dorst, druk, impuls, kracht, neiging, opwelling, pressie, verlangen
aandrang (zn) :
aandrift, aanvechting, drang, drift, impuls, opwelling, verlangen
impuls (zn) :
aandrang, aandrift, aandrijving, aansporing, prikkel, stimulans
gevoel (zn) :
aandrang, aandrift, drang, geneigdheid, inclinatie, neiging
opwelling (zn) :
aandrift, drang, inval, vlaag, neiging, spontaniteit
instinct (zn) :
aandrift, drift, gevoel

woordverbanden van ‘aandrift’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aandrift, aansporing, instinct

Aandrift — aansporing — instinct. Aansporing is de werking op den wil om dezen tot handelen te brengen. Het is het algemeene woord. Hij heeft het gedaan op aansporing van zijne vrouw. Aandrift is in gebruik als aansporing van inwendig gevoel, zoowel in lageren als in hoogeren zin. De dierlijke aandrift. De dichtkunst is eene vaak onwillige aandrift (v. d. Palm). Niet altijd wordt hierbij inwendig gevoel ondersteld; soms staat het in hoogeren stijl voor kracht van buiten die tot handelen dringt. Een aandrift uit den hoogen of ingeschapen zielsvermogen (Bild.). Zie bij Aandrijven. Instinct is meer de ingeschapen neiging, de natuurlijke aandrift om iets te doen, en wordt bij voorkeur van de neigingen van dieren gebruikt.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0027 c