plezier

als woordenboektrefwoord:

plezier, pleizer:
o. (-en), vermaak.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

plezier (zn):
aardigheid, amusement, behagen, blijdschap, divertissement, gein, genoegen, genot, jeu, jolijt, jool, leut, leute, lol, lust, pret, schik, sjeu, vermaak, verpozing, verstrooiing, vertier, vreugde, vrolijkheid, welbehagen, welgevallen
plezier (zn):
liefhebberij

als synoniem van een ander trefwoord:

genoegen (zn) :
aardigheid, behagen, bevrediging, blijdschap, gading, gein, geneugte, genot, heerlijkheid, ingenomenheid, jeu, jolijt, leut, leute, lol, lust, plezier, pret, schik, sjeu, tevredenheid, vermaak, voldoening, vreugde, vrolijkheid, welbehagen, welgevallen
lust (zn) :
aardigheid, behagen, genoegen, genot, jolijt, leut, liefhebberij, lol, opgewektheid, plezier, pret, schik, verrukking, vreugde, vrolijkheid, welbehagen
genot (zn) :
behagen, geneugte, genieting, genoegen, gerief, heerlijkheid, lust, plezier, schik, verrukking, voldoening, vreugde, welbehagen, wellust
vreugde (zn) :
blijdschap, blijheid, feeststemming, genoegen, genot, jolijt, jubel, lust, opgetogenheid, plezier, pret, vreugd, vrolijkheid
vermaak (zn) :
afleiding, amusement, divertissement, genoegen, ontspanning, plezier, tijdverdrijf, verstrooiing, vertier, verpozing
vertier (zn) :
afleiding, amusement, entertainment, ontspanning, plezier, recreatie, vermaak, verpozing, verstrooiing, verzetje
blijdschap (zn) :
blijmoedigheid, genoegen, opgetogenheid, plezier, verheugenis, vreugd, vreugde, vrolijkheid
amusement (zn) :
entertainment, plezier, tijdkorting, variété, vermaak, verpozing, verstrooiing, vertier
pret (zn) :
genoegen, jolijt, jool, leut, leute, lol, plezier, vreugd, vreugde, vrolijkheid
liefhebberij (zn) :
animo, genot, lust, neiging, plezier, zin
leut (zn) :
leute, lol, plezier, pret, vrolijkheid
jool (zn) :
feest, joligheid, lol, plezier, pret
zoetheid (zn) :
aardigheid, genoegen, plezier
schik (zn) :
plezier, tevredenheid
gein (zn) :
grap, lol, plezier
aardigheid (zn) :
jeu, lol, plezier
festijn (zn) :
genot, plezier

woordverbanden van ‘plezier’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
blijdschap, blijheid, blijmoedigheid, dartelheid, genoegen, joligheid, lust, plezier, pret, verheuging, vermaak, verrukking, vreugde, vrolijkheid

Blijdschap — blijheid — blijmoedigheid — dartelheid — genoegen — joligheid — lust — pleizier — pret — verheuging — vermaak — verrukking — vreugde — vroolijkheid. Alle geven te kennen, dat men onder den indruk eener aangename aandoening verkeert. Bij blijdschap spiegelt deze aandoening zich af op het gelaat; bij vroolijkheid geeft zij zich daarentegen lucht in gebaren en woorden; bij vreugde is zij dieper, inniger, duurzamer, en behoeft zij zich niet noodzakelijk op de eene of andere wijze te uiten. Goede kinderen zijn de vreugde hunner ouders. Bij dartelheid is de vroolijkheid verbonden óf met weelderigheid, óf met eene neiging tot baldadigheid. Van kinderen gebruikt, verstaat men er meest onder overmoedige speelschheid. Waar vroolijkheid zich uit in lust tot pretmaken en spelen op losse vroolijke, doch niet dartele wijze, spreekt men van joligheid. Blijheid ziet eigenlijk op den toestand van blij zijn; op zich zelf is het minder in gebruik; het komt meest alleen voor in de uitdrukking vrijheid, blijheid. Blijmoedigheid is eene innige weltevredenheid, minder veroorzaakt door uitwendige oorzaken, dan wel door eene aangeboren opgeruimdheid van geest. Lust noemt men de streelende gewaarwording, die wij ondervinden, wanneer onze begeerte door het een of ander voorwerp sterk wordt opgewekt. Verheuging, verrukking zien op de opgewonden stemming, waarin we door aangename prikkels gebracht worden. Genoegen geeft eigenlijk een toestand van voldaanheid of tevredenheid te kennen; voor tevredenheid is noodzakelijk het niet aanwezig zijn van gedachten, die onze rust storen, van onaangename gevoelens. Vermaak is in de eerste plaats het genot dat men heeft door de uitspanning en door de verlustiging van zijn geest; verder het middel, waardoor men die verlustiging erlangt. Men kan vermaak in iets hebben en men kan jagen naar vermaak. Wij smaken dus genoegen, wanneer onze wenschen bevredigd worden; wij hebben vermaak, wanneer iets ons verlustigt of aangenaam bezig houdt. In gemeenzamen stijl bezigt men voor vermaak en genoegen meestal het vreemde woord pleizier, dat eigenlijk aanduidt: wat behaagt. Is het vermaak met joligheid gepaard dan wordt er ook voor gebezigd het woord pret.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

plezier
leed, smart, tegenzin, verdriet
zie ook:
meisje van plezier, met alle plezier, met plezier

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0025 c