uitslaan

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

uitslaan (ww):
uiten, uitkramen, vertellen
uitslaan (ww):
doorsijpelen, doorzweten
uitslaan (ww):
uitkloppen, uitschudden
uitslaan (ww):
openvouwen, uitvouwen
uitslaan (ww):
platslaan, pletten
uitslaan (ww):
schimmelen
uitslaan (ww):
vervoeren
uitslaan (ww):
oplaaien

als synoniem van een ander trefwoord:

uiten (ww) :
aan de dag leggen, aangeven, bekendmaken, betonen, betuigen, bewijzen, manifesteren, onder woorden brengen, openbaren, opperen, reveleren, ruchtbaar maken, slaken, spreken, spuien, tot uitdrukking brengen, uitbrengen, uitdrukken, uitslaan, uitspreken, uitstorten, uitstoten, vertolken, verwoorden, zeggen, ventileren, verkondigen
afdraaien (ww) :
afdreunen, afratelen, opdreunen, uitslaan, vertellen
serveren (ww) :
serven, uitslaan
uitschudden (ww) :
uitslaan
zweten (ww) :
uitslaan

woordverbanden van ‘uitslaan’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0021 c