robuust

als woordenboektrefwoord:

robuust:
bn. bw. krachtig; gespierd.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

robuust (bn):
flink, fors, gespierd, kloek, krachtig, potig, sterk, stevig, stoer, struis

als synoniem van een ander trefwoord:

flink (bn) :
aan de maat, aanzienlijk, aardig, behoorlijk, belangrijk, degelijk, duchtig, echt, erg, fiks, fors, gezond, goed, groot, kloek, knap, kranig, kras, kwiek, pittig, potig, pront, robuust, sterk, stevig, struis, terdege
krachtig (bn) :
doortastend, energiek, flink, fors, gespierd, hard, impressief, kloek, kras, levendig, machtig, manmoedig, potig, robuust, sterk, straf
stevig (bn) :
aan de maat, degelijk, dik, ferm, fors, forsig, potig, robuust, solide, struis
fors (bn) :
flink, groot, kloek, krachtig, potig, rijzig, robuust, stevig, struis, zwaar
ferm (bn) :
behoorlijk, dapper, fiks, flink, fors, kloek, kordaat, moedig, robuust
kloek (bn) :
ferm, fiks, flink, fors, fris, groot, kant, robuust, stevig, struis
sterk (bn) :
flink, forsig, gespierd, krachtig, machtig, pezig, potig, robuust
stoer (bn) :
ferm, flink, forsig, geblokt, kloek, koen, kordaat, robuust
grof (bn) :
fors, plomp, robuust, stevig, zwaar, zwaargebouwd
fiks (bn) :
ferm, kloek, robuust

woordverbanden van ‘robuust’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0026 c