roepen

als woordenboektrefwoord:

roepen:
(riep, geroepen), met luide stem doen horen ; schreeuwen.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

roepen (ww) :
gillen, schreeuwen, brullen, juichen, joelen, tieren
roepen (ww) :
uitnodigen, oproepen, halen, aanmanen, ontbieden
roepen (ww) :
verkiezen, benoemen
roepen (ww) :
bestemmen
roepen (ww) :
afroepen

als synoniem van een ander trefwoord:

schreeuwen (ww) :
gillen, huilen, brullen, roepen, balken, janken, loeien, krijten, krijsen, snateren, schreien, bulken, blèren, schetteren, kijven, een grote bek opzetten
oproepen (ww) :
uitnodigen, roepen, mobiliseren, dagvaarden, oppiepen, bijeenroepen, ontbieden, samenroepen, opcommanderen, convoceren
gillen (ww) :
schreeuwen, brullen, roepen, uitschreeuwen, krijsen
alarmeren (ww) :
waarschuwen, roepen, bijeenroepen
halen (ww) :
roepen, erbij halen, ontbieden
schreien (ww) :
schreeuwen, roepen
fluiten (ww) :
roepen

woordverbanden van ‘roepen’ grafisch weergegeven

woorden met een verwante vorm:

zie ook:

bij andere sites:

synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0035 c