land

als woordenboektrefwoord:

land:
o. (-en), vaste grond; staat; streek ; grondgebied.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

land (zn):
akker, bouwland, grond, veld, weiland
land (zn):
moederland, thuisland, vaderland
land (zn):
grondgebied, natie, rijk, staat
land (zn):
gewest, provincie, streek
land (zn):
kust, oever, wal
land (zn):
platteland
land (zn):
aardbodem

als synoniem van een ander trefwoord:

gebied (zn) :
areaal, contrei, contreien, district, domein, gewest, gouw, invloedssfeer, land, landschap, landstreek, omgeving, omvang, rayon, regio, revier, rijk, staat, streek, terrein, territorium, zone
veld (zn) :
akker, beemd, bouwland, buiten, grond, land, landbouwgrond, landerijen, lap grond, platteland, vlakte, vrije natuur
grond (zn) :
aardbodem, aarde, akker, grondbezit, land, terrein, veld, zand, bouwland, erf
natuur (zn) :
Moeder Natuur, buitenleven, land, natuurschoon, vrije natuur
rijk (zn) :
domein, gebied, land, natie, staat
staat (zn) :
gebied, land, natie, rijk
wal (zn) :
kade, land, oever

woordverbanden van ‘land’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
akker, kamp, land, veld

Akker — kamp — land — veld. Land heeft de ruimste beteekenis; het noemt dat gedeelte der aarde, hetwelk boven het water uitsteekt; in engeren zin in tegenstelling met de stad, dat deel der aardoppervlakte, dat tot het opleveren van natuurproducten geschikt is of geschikt gemaakt kan worden. Veld is een stuk land dat vlak is, en geen, of althans zeer weinig boomen bevat; het kan nog niet ontgonnen zijn en heidegrond wezen, of een grond, waar reeds op de eene of andere wijze voordeel van getrokken wordt: bijv. grasveld, bleekveld, jachtveld, goudvelden. Akker duidt een afgeperkt stuk bouwland aan. In sommige streken is voor akker meer in gebruik het woord kamp.

in hedendaagse spelling:
land, gebied, staat, rijk

Land — gebied — staat — rijk. Land ziet op de staatkundige grenzen der oppervlakte; staat op de maatschappelijke vereeniging der inwoners; rijk noemt men alleen een staat in zooverre de inwoners door een vorst geregeerd worden; gebied in zooverre een geregeld bestuur over eene zekere uitgestrektheid gronds zijn gezag doet gelden.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
akker, land, veld

AKKER, LAND, VELD

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 149.

in hedendaagse spelling:
land, staat, rijk

LAND, STAAT, RIJK

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 356.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
aan land gaan

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0027 c