Synoniemen.net gebruikt cookies en vergelijkbare technologie├źn ("cookies"), onder andere om je een optimale gebruikerservaring te bieden. Dat houdt in dat synoniemen.net het gedrag van bezoekers vastlegt, analyseert en deelt en zo de website beter afstemt op de interesses van de bezoeker. Cookies van Improve Digital en AppNexus kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen, gedragsgegevens te delen en artikelen aan te bevelen op synoniemen.net die aansluiten op je interesses.

Lees meer over ons privacy-beleid.

cookies accepteren

cookies niet accepteren


oplichten

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

oplichten (ww):
afzetten, bedonderen, bedriegen, beetnemen, bezwendelen, zwendelen
oplichten (ww):
heffen, lichten, opbeuren, opheffen, opnemen, opsteken, optillen
oplichten (ww):
opklaren

als synoniem van een ander trefwoord:

belazeren (ww) :
bedonderen, bedotten, bedriegen, beduvelen, beetnemen, belazeren, besjoemelen, besodemieteren, bezwendelen, neppen, ontrouw zijn, oplichten, verlakken, verneuken
bestelen (ww) :
bedriegen, beduvelen, beroven, ontfutselen, ontnemen, ontroven, ontstelen, oplichten, plunderen, stelen van, wegnemen
opnemen (ww) :
omhooghalen, omhoogtillen, opbeuren, opheffen, oplichten, oppakken, oppikken, oprapen, optillen, pakken
opheffen (ww) :
heffen, omhooghalen, omhoogtillen, ophalen, ophijsen, oplichten, opsteken, optillen, tillen, verheffen
afzetten (ww) :
bedriegen, beduvelen, beetnemen, belazeren, flessen, neppen, oplichten, tillen
besodemieteren (ww) :
afzetten, bedonderen, bedotten, beduvelen, oplichten, uitbuiten, vals spelen
frauderen (ww) :
bedriegen, bedrog plegen, fraude plegen, oplichten, smokkelen, zwendelen
verlakken (ww) :
bedotten, bedriegen, beduvelen, beetnemen, belazeren, oplichten
uitkleden (ww) :
afzetten, kaalplukken, oplichten, uitknijpen, uitschudden
zwendelen (ww) :
bedriegen, frauderen, knoeien, oplichten, sjoemelen
opbeuren (ww) :
opheffen, oplichten, opnemen, optillen
opsteken (ww) :
opheffen, oplichten, optillen, spitsen
tillen (ww) :
afzetten, beduvelen, neppen, oplichten
heffen (ww) :
lichten, oplichten, optillen, tillen
flessen (ww) :
afzetten, oplichten

woordverbanden van ‘oplichten’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
oplichten, bedriegen, teleurstellen, verleiden, verlokken, verstrikken, bedotten, sullen, voor het lapje houden, begekken, uitjouwen, uitstrijken

OPLIGTEN, BEDRIEGEN, TE LEUR STELLEN, VERLEIDEN, VERLOKKEN, VERSTRIKKEN, BEDOTTEN, SULLEN, VOOR HET LAPJE HOUDEN, BEGEKKEN, UITJOUWEN, UITSTRIJKEN

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 332.

in hedendaagse spelling:
opnemen, opbeuren, oprichten, opheffen, ophelpen, opleiden, opleggen, oplichten, opdragen, optillen

OPNEMEN, OPBEUREN, OPRIGTEN, OPHEFFEN, OPHELPEN, OPLEIDEN, OPLEGGEN, OPLIGTEN, OPDRAGEN, OPTILLEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 65.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT (i) (ii) - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0025 c