verwittigen

als woordenboektrefwoord:

verwittigen:
(verwittigd), doen weten.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

verwittigen (ww):
aanzeggen, attenderen, berichten, informeren, inlichten, kennen, kennis geven, mededelen, meedelen, waarschuwen

als synoniem van een ander trefwoord:

berichten (ww) :
aankondigen, doen uitkomen, kennis geven van, mededelen, meedelen, melden, op de hoogte brengen van, op de hoogte stellen van, rapporteren, relateren, verslag uitbrengen, verwittigen
mededelen (ww) :
aankondigen, aanzeggen, afkondigen, bekendmaken, berichten, boodschappen, communiceren, meedelen, melden, onderrichten, openbaren, te kennen geven, verkondigen, verwittigen
aankondigen (ww) :
aanzeggen, adverteren, annonceren, bekendmaken, berichten, inluiden, mededelen, meedelen, melden, omroepen, openbaren, presenteren, uitroepen, verwittigen
inlichten (ww) :
briefen, informeren, meedelen, onderrichten, op de hoogte brengen, ophelderen, vertellen, verwittigen, voorlichten
meedelen (ww) :
aankondigen, bekendmaken, berichten, informeren, inlichten, laten weten, mededelen, verwittigen, voorlichten
onderrichten (ww) :
informeren, inlichten, kennisgeven, mededelen, verwittigen, voorlichten
aanzeggen (ww) :
aankondigen, bekendmaken, mededelen, verwittigen
waarschuwen (ww) :
alarmeren, verwittigen

woordverbanden van ‘verwittigen’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
berichten, bekendmaken, te kennen geven, kennisgeven, mededelen, melden, melding maken van, verhalen, verwittigen

Berichten — bekend maken — te kennen geven — kennisgeven — mededeelen — melden — melding maken van — verhalen — verwittigen. Iemand in kennis stellen van een feit. Iemand te kennen geven dat iets geschied is laat in het midden of dit door woorden of teekens geschiedt. Iemand er kennis van geven, of hem er -mee bekend maken, be-teekenen beide alleen: tot zijne kennis brengen, dat het feit volbracht is, zonder meer in bijzonderheden te treden. Dit is ook het geval met verwittigen; dit veronderstelt echter dat de persoon, tot wiens kennis iets gebracht wordt en voor wien het van belang is het te weten, onbekend met het feit is. Vermelden en melding maken van worden bij voorkeur gebezigd met betrekking tot nadere bijzonderheden, waarin de lezer of hoorder belangstelt, maar die toevallig of met opzet zijn verzwegen. Dat stond er niet bij vermeld. In berichten, mededeelen en melden ligt meer het denkbeeld van het geheele verloop der handeling tot iemands kennis brengen, terwijl men bij verhalen nog meer in bijzonderheden treedt.

in hedendaagse spelling:
waarschuwen, verwittigen

Waarschuwen — verwittigen. Iemand iets mededeelen, dat voor hem van belang is te weten. Waarschuwen is iemand medededeelen. dat hem kwaad dreigt, waarvoor hij zich daardoor wachten kan. Verwittigen is iemand, zonder eenige bijbedoeling, alleen de mededeeling doen dat iets geschiedt of kan geschieden, dat hij dient te weten. Iemand verwittigen, dat er een wagon kolen voor hem is aangekomen, die voor den avond gelost moet worden. Iemand waarschuwen, dat zijn schoorsteen op invallen staat.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
berichten, melden, te kennen geven, verhalen, verwittigen

BERIGTEN, MELDEN, TE KENNEN GEVEN, VERHALEN, VERWITTIGEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 306.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
verwittigen van

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0026 c