vrucht

als woordenboektrefwoord:

vrucht:
v. (-en), ooft; voortbrengsel; uitwerking; voordeel, winst.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

vrucht (zn) :
opbrengst, resultaat, product, voortbrengsel, ooft
vrucht (zn) :
jong, kind

als synoniem van een ander trefwoord:

uitkomst (zn) :
vrucht, afloop, effect, uitslag, bevinding, gevolg, einde, uitwerking, resultaat, oplossing, totaal, eind, werkzaamheid, slotsom, conclusie, rendement, slot, voortvloeisel, uitvloeisel, output, facit
winst (zn) :
vrucht, voordeel, oogst, opbrengst, resultaat, profijt, baat, nut, rendement, gewin, verdienste, baten, winstcijfers, winstcijfer, debiet, provenu
opbrengst (zn) :
vrucht, oogst, vangst, winst, profijt, baat, rendement, gewin, verdienste, baten, winstcijfers, winstcijfer, voortbrengsel
product (zn) :
vrucht, schepsel, opbrengst, resultaat, uitkomst, schepping, brouwsel, maaksel, voortbrengsel
kind (zn) :
nakomeling, vrucht, nageslacht, spruit, kroost, telg, koter, loot, vlees en bloed
rendement (zn) :
vrucht, effect, oogst, opbrengst, resultaat, winst, profijt, baat, gewin
resultaat (zn) :
vrucht, opbrengst, product, rendement

woordverbanden van ‘vrucht’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

woorden met een verwante vorm:

zelfstandig naamwoord

bij andere sites:

in het Verwarwoordenboek van Jan Renkema:
synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0032 c