Synoniemen.net gebruikt cookies en vergelijkbare technologie├źn ("cookies"), onder andere om je een optimale gebruikerservaring te bieden. Dat houdt in dat synoniemen.net het gedrag van bezoekers vastlegt, analyseert en deelt en zo de website beter afstemt op de interesses van de bezoeker. Cookies van Improve Digital en AppNexus kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen, gedragsgegevens te delen en artikelen aan te bevelen op synoniemen.net die aansluiten op je interesses.

Lees meer over ons privacy-beleid.

cookies accepteren

cookies niet accepteren


tomeloos

als woordenboektrefwoord:

tomeloos:
bn. bw. (...lozer, -t), buitensporig.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

tomeloos (bn):
bandeloos, breidelloos, buitensporig, losbandig, onbedwongen, onbeteugeld, ongebreideld, onstuimig, teugelloos

als synoniem van een ander trefwoord:

buitensporig (bn) :
bovenmatig, excessief, exorbitant, extreem, losbandig, mateloos, ongehoord, ongerijmd, onmatig, onredelijk, overdadig, overdreven, overmatig, teugelloos, tomeloos, verbazend, verregaand
losbandig (bn) :
aanstootgevend, bandeloos, buitensporig, extravagant, licht, lichtvaardig, lichtzinnig, liederlijk, los, ongebonden, ongeregeld, slordig, tomeloos, zedeloos
uitbundig (bn) :
bovenmatig, buitengewoon, dionysisch, exuberant, hevig, ongeremd, onstuimig, overmatig, overvloedig, rijkelijk, tomeloos, uitzinnig, weelderig
bandeloos (bn) :
losbandig, onbandig, onbeteugeld, ongebonden, ongebreideld, ongeremd, onordelijk, tomeloos, wild
teugelloos (bn) :
bandeloos, buitensporig, onbelemmerd, onbeperkt, ongebreideld, ongecontroleerd, tomeloos
onstuimig (bn) :
driftig, fel, hartstochtelijk, heftig, impetueus, impetuoso, onbesuisd, tomeloos, violent
ongebreideld (bn) :
bandeloos, breidelloos, onbeheerst, onbeteugeld, ongetemd, teugelloos, tomeloos, wild
razend (bn) :
geweldig, heftig, hevig, mateloos, tomeloos, verwoed, wild

woordverbanden van ‘tomeloos’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
bandeloos, breidelloos, onhandig, onbeteugeld, teugelloos, tomeloos

Bandeloos — breidelloos — onhandig — onbeteugeld — teugelloos — toomeloos. Deze woorden, die eigenlijk te kennen geven dat een wezen is zonder iets, dat zijne bewegingen regelt, zijn meer in figuurlijken dan in eigenlijken zin in gebruik. Breidel, toom en teugel drukken vrij wel hetzelfde uit; het eerste is verouderd en alleen nog in deftigen stijl in gebruik; zoo is ook breidelloos meer in hoogeren stijl, teugelloos en toomeloos in de taal van het dagelijksch leven in gebruik voor iets of iemand, die zonder eenig stuur of eenig bedwang voortgaat. Onbeteugeld veronderstelt dat er wel bedwang aanwezig kon zijn, doch dat de teugel niet wordt aangelegd. Hetzelfde is het geval bij bandeloos en onbandig. Bij bandeloos is er geen band, bij onbandig (thans verouderd, en nog slechts in het oosten van het land in gebruik) wordt er niet om den band gegeven. Terwijl de eerste woorden meer op het niet beperken der krachtsuiting zien, heeft men bij de beide laatste meer de niet beperking in zedelijken zin op het oog. Toomelooze eerzucht, eene teugellooze menigte. Het bandeloos gemeen, onbandige begeerten.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
onbandig, tomeloos, teugelloos, breidelloos

ONBANDIG, TOOMELOOS, TEUGELLOOS, BREIDELLOOS

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 24.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0033 c