afspraak

als woordenboektrefwoord:

afspraak:
v. (...spraken), mondelinge overeenkomst. afspraakje, o. (-s).

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

afspraak (zn) :
verplichting, overeenkomst, toelating, akkoord, regeling, contract, schikking, overeenstemming, deal, fiat, convenant, pact, stipulatie
afspraak (zn) :
bijeenkomst, ontmoeting, rendez-vous, afspraakje

als synoniem van een ander trefwoord:

bijeenkomst (zn) :
samenkomst, ontmoeting, reünie, afspraak, zitting, vergadering, workshop, conferentie, congres, samenzijn, rendez-vous, meeting, assemblage, convent, oproeping, bijeenroeping, bijeenzijn, colloquium
overeenstemming (zn) :
harmonie, overeenkomst, eenheid, afspraak, akkoord, goedkeuring, regeling, contract, vergelijk, eendracht, goedvinden, consensus, unanimiteit, verstandhouding, eenstemmigheid, eensgezindheid
overeenkomst (zn) :
koop, afspraak, verdrag, akkoord, regeling, contract, schikking, vergelijk, akte, verbintenis, conventie, deal, convenant, pact, charter, stipulatie, agreement
schikking (zn) :
bepaling, overeenkomst, compromis, afspraak, arrangement, akkoord, transactie, vergelijk, accommodatie, ordinantie
akkoord (zn) :
overeenkomst, afspraak, regeling, contract, schikking, vergelijk, overeenstemming, deal, convenant
contract (zn) :
overeenkomst, afspraak, overeenstemming, verbintenis
deal (zn) :
handeltje, koop, overeenkomst, afspraak, transactie
ontmoeting (zn) :
afspraak, rendez-vous

woordverbanden van ‘afspraak’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908):

afspraak, overeenkomst

Eene overeenkomst is eene onderlinge verbintenis van twee of meer personen, waarbij ieder op zich neemt, zijne verplichtingen ten opzichte van de uitvoering van een gezamenlijk beraamd plan, of de vervulling van een gemeenschappelijken wensch, na te komen. Eene afspraak is eene mondelinge overeenkomst, doch wordt bij uitbreiding ook gebruikt van eene overeenkomst bij briefwisseling gesloten. Men maakt eene afspraak, doch men sluit, of treft eene overeenkomst, of gaat eene over eenkomst aan. De afspraak was, te vier uur bij elkander te komen. De beide mogendheden hebben de overeenkomst, waarover al zoo lang onderhandeld is, wel gesloten maar nog niet geteekend.

in Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, blz. 134:

afspraak, ruggespraak

woorden met een verwante vorm:

zelfstandig naamwoord

bij andere sites:

in het Verwarwoordenboek van Jan Renkema:
synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
woordcombinaties:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0036 c