dulden

als woordenboektrefwoord:

dulden:
(duldde, geduld), verdragen; toelaten.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

dulden (ww):
doorstaan, dragen, lijden, nemen, ondergaan, tolereren, uithouden, uitstaan, verdragen, verduren
dulden (ww):
gedogen, toelaten, toestaan, tolereren, velen

als synoniem van een ander trefwoord:

toestaan (ww) :
approberen, autoriseren, dulden, fiatteren, gedogen, goedkeuren, instemmen, inwilligen, laten, permitteren, toelaten, tolereren, velen, vergunnen, veroorloven
doorstaan (ww) :
doorkomen, doorleven, doormaken, dulden, lijden, meemaken, ondergaan, ondervinden, overleven, trotseren, uithouden, uitstaan, verdragen, verduren
lijden (ww) :
doorstaan, dulden, gedogen, mogen, ondergaan, ondervinden, toelaten, toestaan, tolereren, uithouden, uitstaan, verdragen, verduren, vergunnen
dragen (ww) :
doorstaan, dulden, harden, opbrengen, uithouden, uitstaan, velen, verdragen, verduren, voortbrengen
incasseren (ww) :
dragen, dulden, harden, ondergaan, slikken, trotseren, velen, verdragen, verduren, zich getroosten
uitstaan (ww) :
doorstaan, dragen, dulden, klokken, kroppen, lijden, stellen, uithouden, velen, verdragen, verduren
tolereren (ww) :
doorlaten, dulden, gedogen, goedkeuren, nemen, toelaten, toestaan, velen, verdragen, verduren
uithouden (ww) :
doorstaan, dulden, harden, kroppen, uitstaan, uitzingen, verdragen, verduren, volhouden
gedogen (ww) :
accepteren, dulden, goedkeuren, toelaten, toestaan, tolereren, verdragen, veroorloven
trotseren (ww) :
doorstaan, dragen, dulden, gedogen, harden, overleven, velen, verdragen, verduren
toelaten (ww) :
dulden, gedogen, goedkeuren, laten, toestaan, tolereren, verdragen
ondergaan (ww) :
doorstaan, dulden, lijden, ondervinden, verdragen, verduren
hebben (ww) :
dulden, doorstaan, harden, lijden, verdragen, verkroppen
accepteren (ww) :
dulden, nemen, pikken, slikken, verdragen, vreten
harden (ww) :
dulden, keren, uithouden, verduren, volhouden
laten (ww) :
dulden, toelaten, toestaan, veroorloven
velen (ww) :
accepteren, dulden, toestaan
aanzien (ww) :
dulden, verdragen
mogelijk maken (ww) :
dulden, toestaan

woordverbanden van ‘dulden’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908):

in hedendaagse spelling:
doorstaan, dragen, dulden, lijden, ondergaan, uithouden, uitstaan, verdragen, verduren

Doorstaan — dragen — dulden — lijden — ondergaan — uithouden — uitstaan — verdragen — verduren. Het een of andere kwaad ondervinden, waartegen men zich niet verzet. Lijden drukt dit denkbeeld in het algemeen uit. Doorstaan is lijden ten einde toe; hierbij heeft men tevens het oog op de krachtsinspanning van den lijder in verhouding tot het kwaad, dat geleden wordt. Hij kon die operatie niet doorstaan, zijne krachten konden het niet uithouden. In de meeste gevallen wordt er het niet bezwijken onder het leed of het kwaad door uitgedrukt. Het eene schip leed schipbreuk, het andere doorstond den storm. Dragen is aanhoudend lijden van iets, dat meer drukt dan dat het pijn veroorzaakt, en wat niet te veranderen is; verdragen heeft de bijgedachte van dit vrijwillig te doen. Socrates verdroeg de grenzenlooze ondankbaarheid zijner medeburgers met de kalmte van den wijsgeer. Met gelatenheid iets verdragen is dulden; hierbij denkt men echter aan eenigen tegenzin, hetgeen bij verdragen niet zoo zeer het geval is. Dikwijls wordt door dulden uitgedrukt het begrip van iets onverdiend lijden. Ondergaan wordt alleen gezegd van het zich onderwerpen aan de eene of andere daad, die ons onaangenaam is, het ziet niet op zielelijden. Men ondergaat eene operatie en lijdt de pijn. Uitstaan is het met wilskracht dulden van iets onaangenaams of pijnlijks, dat aanhoudt, terwijl verduren meer het zich lijdelijk onderwerpen te kennen geeft Uithouden is iets onaangenaams of lastigs tot het einde verduren.

in hedendaagse spelling:
gedogen, dulden, toelaten, veroorloven

Gedoogen — dulden — toelaten — veroorloven. Zich tegen het een of ander niet verzetten. Toelaten heeft de algemeene beteekenis; gedoogen voegt daar het bijdenkbeeld aan toe, dat men wel de macht heeft om zich tegen iets te verzetten, doch het oogluikend toelaat, of werkeloos aanziet. Dulden is het lijdelijk toelaten van iets onaangenaams dat ons aangedaan wordt. Veroorloven veronderstelt, dat men geheel uit vrijen wil toelaat, wat men in zijne macht had te weigeren of te beletten. Het nadert meer tot de beteekenis van toestaan, vergunnen. Men is genoodzaakt zijne dienstboden veel toe te laten, dat men eigenlijk niet moest gedoogen, laat staan veroorloven.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in Keur van Nederlandsche Synoniemen (1922):

in hedendaagse spelling:
uitstaan, doorstaan, verdragen, lijden, dulden

224. Uitstaan — doorstaan — verdragen — lijden — dulden.

Iets onaangenaams zonder verzet (passief) ondervinden.

Lijden zegt dit op de meest algemeene wijze: pijn lijden, dorst lijden. Dulden heeft de bijgedachte, dat men het onaangename wel gelaten, maar toch met eenigen tegenzin ondervindt: Moet ik dat lasteren nog langer dulden? Verdragen wijst er op, dat men iets, wat zwaar op ons drukt (vandaar: dragen!), meer gewillig duldt. Gelaten verdroeg hij den smaad, waarmee men hem overlaadde. Uitstaan ziet op den vasten wil, waarmee men iets pijnlijks of onaangenaams duldt, terwijl doorstaan

beteekent, dat men het onaangename (kwaad, leed, gevaar enz.) tot het einde toe verdraagt en er niet onder bezwijkt. Hevige pijnen zonder smartkreten uitstaan; een zware ziekte, de vuurproef doorstaan.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
doorstaan, dragen, dulden, lijden, ondergaan, uithouden, uitstaan, verdragen, verduren

DOORSTAAN, DRAGEN, DULDEN, LIJDEN, ONDERGAAN, UITHOUDEN, UITSTAAN, VERDRAGEN, VERDUREN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 100.

in hedendaagse spelling:
dulden, gedogen, toelaten, vergunnen, veroorloven

DULDEN, GEDOOGEN, TOELATEN, VERGUNNEN, VEROORLOVEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 125.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

dulden
bestrijden, ontzeggen, tegengaan, verbieden, weigeren

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0022 c