schatten

als woordenboektrefwoord:

schatten:
(schatte, geschat), waarderen ; begroten.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

schatten (ww):
begroten, beramen, censeren, estimeren, evalueren, koersen, mikken, overzien, ramen, rooien, taxeren, waarderen
schatten (ww):
aanslaan, achten, appreciƫren, beoordelen, waarderen
schatten (ww):
beschouwen, houden voor, inschatten

als synoniem van een ander trefwoord:

beramen (ww) :
bedenken, brouwen, op touw zetten, opzetten, overdenken, overleggen, schatten, smeden, uitbroeden, uitdenken, verzinnen, voorbereiden, zinnen op
beoordelen (ww) :
afmeten, bevinden, bezien, inschatten, overzien, ramen, schatten, taxeren, toetsen
ramen (ww) :
begroten, berekenen, gissen, koersen, mikken, rooien, schatten, taxeren, waarderen
appreciƫren (ww) :
hoogschatten, naar waarde schatten, schatten, waarderen, op prijs stellen
bevinden (ww) :
achten, beoordelen, inzien, oordelen, schatten, uitmaken, vaststellen, zien
begroten (ww) :
becijferen, beramen, berekenen, budgetteren, calculeren, ramen, schatten
evalueren (ww) :
begroten, keuren, koersen, ramen, schatten, taxeren, vaststellen
waarderen (ww) :
begroten, evalueren, inschatten, ramen, schatten, taxeren
taxeren (ww) :
afwegen, begroten, inschatten, ramen, schatten, waarderen
inschatten (ww) :
beoordelen, peilen, ramen, schatten, taxeren
aanslaan (ww) :
inschatten, schatten, taxeren, waarderen
gissen (ww) :
gokken, raden, ramen, schatten, vermoeden
censeren (ww) :
achten, beoordelen, schatten, waarderen
rekenen (ww) :
berekenen, ramen, schatten
overzien (ww) :
berekenen, schatten
beramen (ww) :
begroten, schatten
achten (ww) :
keuren, schatten
koersen (ww) :
ramen, schatten
mikken (ww) :
ramen, schatten
rooien (ww) :
ramen, schatten

woordverbanden van ‘schatten’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
achten, schatten, waarderen

Achten — schatten — waardeeren. Aan iemand of iets eene zekere waarde toekennen. Bij achten, dat van acht, opmerkzaamheid, oplettendheid komt, staat meer de belangstelling op den voorgrond, die men iemand of iets waardig keurt; bij schatten en waardeeren denkt men meer aan de waarde of den prijs, waarop men het in zijne gedachten stelt. Schatten en waardeeren zien meer op de stoffelijke waarde: maat, gewicht, prijs. Schatten is onbepaalder dan waardeeren. Beide woorden worden ook van personen gezegd. Schatten heeft dan de beteekenis van achten, is steeds van een bepalend woord vergezeld, en heeft over 't algemeen meer op de eene of andere eigenschap van den persoon betrekking, dan op den persoon zelf. Achten kan van een bijwoord van hoeveelheid vergezeld gaan. Iemand weinig achten, gering achten, hoog achten, doch achten zonder meer staat in beteekenis met hoogachten gelijk: een algemeen geacht man. Schatten en waardeeren verschillen in zoover van elkaar, dat schatten meer raadt naar de waarde, die iets heeft, waardeeren meer is de waarde bepalen, en van handelingen gebruikt, iets op den juisten prijs stellen. Een zeldzamen diamant zou men met meer juistheid onschatbaar dan onwaardeerbaar kunnen noemen, omdat zijne innerlijke waarde moeielijk is op te geven, en zijn prijs zich ten slotte regelt naar de som, die de liefhebbers bereid zijn er voor te besteden.

in hedendaagse spelling:
begroten, ramen, schatten, waarderen

Begrooten — ramen — schatten — waardeeren. Bij gissing bepalen. Ramen is onbepaalder dan begrooten. Men raamt uitgaven, wanneer men opgeeft, wat zij vermoedelijk kunnen, men begroot ze, wanneer men opgeeft, wat ze waarschijnlijk zullen bcloopen. Over schatten en waardeeren zie onder Achten.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
achten, schatten, waarderen

ACHTEN, SCHATTEN, WAARDEREN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 86.

in hedendaagse spelling:
begroten, ramen, schatten, waarderen

BEGROOTEN, RAMEN, SCHATTEN, WAARDEREN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 247.

in hedendaagse spelling:
beoordelen, schatten, waarderen, keuren, achten, rekenen, houden

BEOORDEELEN, SCHATTEN, WAARDEREN, KEUREN, ACHTEN, REKENEN, HOUDEN

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 268.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

schatten
calculeren
zie ook:
naar waarde schatten, schat, schatten

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0026 c